Battlestations: Pacific Review
Ik had al helemaal uitgedacht hoe ik deze game zou gaan afkraken. Ik zou het gaan hebben over de crappy menu's en tutorials, de irritante voice-acting en de op het eerste gezicht weinig indrukwekkende graphics. En laten we eerlijk zijn, het is gewoon leuk om een kutgame de grond in te boren.
"De stalen wanden vibreren door het constante bulderen van de 130.000pk stoomturbines die hard aan het zwoegen zijn om 35.000 ton metaal in beweging te houden. Gigantische tandwielen schreeuwen het uit wanneer de manshoge kanontoren richting zijn doel draait. En dat geluid is nog maar gefluister vergeleken met het gedonder dat de negen 406mm kanonnen pakweg elke vijftien seconden doen losbarsten."
Dát was de intro die ik in tweede instantie in gedachten had. Een beetje de sfeer neerzetten zeg maar, om je op die manier aan het lezen te houden. Maar deze versie vond ik dan weer wat cliché, dus dat werd hem ook niet. Maar zoals ik het nu doe, met een korte anekdote, is dan wel weer een interessante "frisse" aanpak. Dus nu ik je aandacht heb ga ik daadwerkelijk beginnen aan de review.
Battlestations: Pacific is de opvolger van het iets meer dan twee jaar geleden verschenen Battlestations: Midway. Zoals de namen van beide games samen doen vermoeden, hebben we hier met een WWII-game te maken die zich vooral concentreert op de gevechten tussen de geallieerden (specifiek de Amerikanen, de Britten, de Fransen en natuurlijk de Nederlanders) en de Japanners, waarbij de Stille Oceaan het belangrijkste oorlogstheater vormt. Dit was het theater van hoofdzakelijk luchtgevechten en zeeslagen, precies de twee aspecten waar Battlestations zich op concentreert.
De game is nog het beste te classificeren als een arcade third-person actionshooter met wat strategy-elementen. Alstublieft. Waar het op neer komt is dat de game vanuit twee verschillende perspectieven te spelen is: enerzijds kunnen we zelf plaatsnemen achter de stuurknuppel dan wel het roer, anderzijds is een druk op de knop genoeg om aan de hand van een kaart de complete strijdmacht te orchestreren. Laten we eerst naar die strategy kant van de game kijken.
Het Tactical Map Screen, zoals de game de strategy mode zelf noemt, toont een schematische kaart van het gehele strijdveld. Hierop zien we de eigen vliegtuigen en schepen en hun zicht- en sonarbereik weergegeven, alsook eventuele eigen of neutrale basissen. Vijandige eenheden en basissen kunnen verschuilt gaan in de welbekende fog of war, maar vaak worden er over de radio nog wel wat algemene hints gegeven over waar ze zich bevinden en of ze eventueel in beweging zijn. Is het nog stil dan is er rustig tijd om de vloot te sturen: er kunnen algemene strategieën (bijvoorbeeld aggressief/defensief opstellen) worden opgelegd, formaties worden gevormd en gevechtseenheden worden rond gebaasd. Zijn er basissen beschikbaar dan kunnen er daarnaast ook nieuwe vliegtuigen en schepen worden gebouwd, dit is instantaan en vergt geen resource management, maar is wel gelimiteerd door een langzaam aangroeiend budget. Breekt dan na verloop van tijd de oorlog los dan draait het vooral om het zo slim mogelijk manoeuvreren van je strijdkrachten om uiteindelijk door tactiek de overwinning te kunnen claimen.
Op elk willekeurig moment kan het TMS ook weer worden verlaten om ofwel te spectaten ofwel een unit direct te gaan besturen. We kunnen daarbij plaatsnemen in een vliegtuig, schip, duikboot of een afweerkanon op een basis, alle andere eenheden (eventuele infanterie / parachutisten, tanks en andere voertuigen) hobbelen zelfstandig rond. Er kan maar één unit tegelijk worden bestuurd, maar door de C- of de Alt-knop in te houden kunnen er met een simpel menuutje aanvals- respectievelijk repareeropdrachten worden gegeven aan de formatie waarin je je bevindt dan wel de hulptroepen op een slagschip.
Het is vooral die directe besturingsmode die bij mij hoge ogen gooide, in het Tactical Map Screen speelt de soms onhandige bediening de game wat parten -wat overigens absoluut niet afdoet aan het feit dat tactiek keer op keer de sleutel tot succes blijkt en het TMS dus zéker zijn waarde heeft-, maar dat is niet de reden: het feit dat je lekker dik op de actie zit wel, want dáár zit 'm het plezier van deze game in. En simpelweg briljant is het grote verschil in beleving tussen de verschillende soorten eenheden.
Allereerst zijn er de verschillende typen vliegtuigen met verschillende soorten bewapening: de fighters, de bombers, de fighter/bombers (fombers? sorry) en de recons. De eerste groep is van de dogfights, de tweede van de tapijtbommen, de derde is uitgerust met losse bommen of torpedo's en de laatste omvat de lichte verkenningsvliegtuigen. Elk type vraagt een compleet andere vliegstijl en dat maakt de variatie en daarmee de replaywaarde erg hoog. Anders gezegd is het gewoon supertof om het ene moment laag over het water te scheren om een torpedo te droppen en even later met een ander toestel in een heftige dogfight verwikkeld te zijn. Nog weer een klasse apart zijn de beroemde Japanse zelfmoordeenheden waarbij, naast de bekende Kamikaze-vliegtuigen, ook de Kaiten en de Ohka alsmede Kamikaze-boten in te zetten zijn.
Evenzoveel fun, maar dan op grotere schaal, is met een keur aan oorlogs- en transportschepen te beleven. Ook deze komen in verschillende klassen, uiteenlopend van de kleine Landing Craft en PT Boats tot de gigantische Battleships waar ik het in de (tweede) intro al even over had. Het bijzondere aan de zeeslagen is dat elk schip ook weer een totaal ander beeld op de actie geeft: waar je met een PT Boat als het ware continu speldenprikjes uitdeelt en intussen heftig rekening moet houden met de golfslag wanneer je een enkele torpedo van het dek wilt lanceren, kan je met een beetje slagschip in alle rust de directe confrontatie aangaan en op de gecombineerde vuurkracht van een stuk of twintig kanonnen rekenen.
Weer een klasse apart zijn de duikboten. Laat ik gelijk beginnen met de opmerking dat je, wanneer je met deze apparaten aan de gang gaat, echt engelengeduld moet hebben: nog meer dan met de eerder genoemde PT Boats ben je vooral bezig met het doen van korte maar krachtige aanvallen met daartussen lange periodes van het in alle stilte rondmanoeuvreren van een lange metalen pijp. Maar wanneer het dan uiteindelijk daadwerkelijk lukt om -ondanks dat je constant ontdekking riskeert omdat je regelmatig naar het oppervlak moet gaan om lucht te happen- een flink slagschip compleet te overrompelen en binnen een paar minuten naar de mallemoeren te helpen, dan is de voldoening ook groter dan ooit.
Het bijzondere is nu dat de game nooit zomaar een domme shooter wordt maar altijd tactiek vooropstelt. Dat komt nog hoofdzakelijk door één simpel gegeven: herlaadtijden. Bomluiken van vliegtuigen, kanonnen van slagschepen en torpedobuizen van onderzeeërs hebben allemaal tijd nodig voordat ze weer schietklaar zijn en dat wordt weergegeven door simpele bolletjes in het midden van je beeld. Is een bolletje groen dan is het wapen klaar om te vuren, is het geel dan wordt het nog in stelling gebracht (een turret moet bijvoorbeeld vaak bijdraaien), is het groen én geel dan wordt het herladen en is het rood dan kan het wapen überhaupt niet afgevuurd worden (wanneer een bomber bijvoorbeeld niet recht hangt of een turret niet richting doel kan draaien). Zit je in een bommenwerper dan heb je maar één of twee bolletjes, zit je in een Battleship dan heb je er al gauw twintig. Deze zijn trouwens allemaal samen aan één crosshair gebonden, en met één muisklik worden alle vuurklare wapens tegelijk afgeschoten. En dan barst de hel ook serieus los, geloof me maar, want zo belabberd als de voice-acting is in deze game, zo indrukwekkend is het gebulder van kanonnen.
Pacific kent zowel single- als multiplayermodes. De singleplayer is opgesplitst in twee campaigns, te weten de US en de Japanese Campaign. Beide kennen een stuk of vijftien grotendeels gescripte missies, waarbij aan de hand van korte tussenfilmpjes gewisseld wordt tussen verschillende aanvalsgroepen. Een mooi voorbeeld is de eerste missie van de Japanners, die draait om de aanval op Pearl Harbor: eerst schieten we met jagers een stel nog op de grond staande Amerikaanse vliegtuigen aan gort, dan schakelen we over op dogfights en tenslotte nemen we plaats in een ander toestel om een aantal schepen te torpederen. Na elke wisseling is er een tekstuele tutorial die de basics wat uitlegt, het is niet erg netjes afgewerkt, maar vanwege de toch simpele controls (liefst met controller / joystick, maar met muis en toetsenbord lukt ook redelijk) is het overkomelijk. Interessant concept is trouwens dat je, wanneer je toestel neergehaald wordt (of op elk willekeurig ander moment) met een druk op de knop kunt wisselen naar een ander vliegtuig. Zo blijft de actie lekker doorgaan. In ieder geval tot je laatste toestel is neergehaald, dan.
De game komt ook met vijf multiplayer modes. De namen ervan spreken grotendeels voor zich: Escort (verdedig danwel vernietig een kwetsbare unit), Siege (bestuur één unit terwijl om je heen de oorlog losbarst), Competetive (iedereen strijdt voor dezelfde groep maar probeert elk zoveel mogelijk punten te scoren), Duel (als Siege, maar dan met één type units) en Island Capture (een verhaal apart, dus die ga ik niet tussen haakjes in een paar woorden uitleggen, blijf gewoon verder lezen). Deze laatste is de meest uitgebreide mode: elke speler begint met één of twee basissen, vaak in een omgeving van meerdere eilandengroepen en krijgt een beperkt aantal resource points om een kleine lucht- en/of zeevloot te bouwen. Over de hele map zijn heel wat neutrale basissen verspreid die kunnen worden overgenomen door infanterie, die met vliegtuigen (parachutesprongen) en Landing Craft erheen gestuurd kan worden. Een nieuwe basis brengt nieuwe resource points en vaak ook nieuwe soorten units, dus het moge duidelijk zijn dat het doel is om zoveel mogelijk basissen te veroveren. Is een basis al bezet door de vijand, dan dient er natuurlijk het nodige geweld gebruikt te worden om een basis over te nemen.
De game gebruikt voor de multiplayer het Live! systeem en dat werkt redelijk, maar het is wel erg jammer dat er over het algemeen nogal weinig spelers te bespeuren zijn. Het lijkt er daarom op dat de game qua multiplayer geen lang leven beschoren is, het feit dat developer/uitgever Eidos letterlijk heeft gezegd geen patches voor de game uit te gaan brengen, maakt het nóg triester. Omdat daarnaast de replaywaarde van de singleplayer Campaigns wat beperkt is, moet de game het vooral van de Skirmish mode hebben, waarin elk van de multiplayer modes ook offline te spelen is. De AI-tegenstander weet daarin goed van zich af te bijten en vormt dus een prima tegenstander voor eenzame avonden.
Battlestations: Pacific kent duidelijk zijn gebreken, dat was je meteen al duidelijk geworden. Maar daaronder schuilt een heel behoorlijke arcadegame waarmee heel wat lol te beleven valt en het is precies dat wat het redt van de totale ondergang. De pure actie en de grote diversiteit brengen veel vermaak, zo simpel is het. Maar het is niet voor iedereen weggelegd: speel eerst de demo voordat je naar de winkel rent.
- login of registreer om te reageren
Rating
Battlestations: Pacific
Screenshots
Actieve forumonderwerpen
Laatste poll
Fuck de zomer! Of toch niet?
Het is weer mei, de zomer staat nu letterlijk voor de deur. De 'r' is uit de maand en dus kunnen we ons op gaan maken voor een hopelijk goede zomer. Of hopen jullie daar helemaal niet op? Worden jullie eerder chagrijnig van die hitte tijdens het gamen, die zonnestralen op je scherm of die schreeuwende kinderen in de straat? Lekker die zomer, of toch maar weer terug naar de winter? Laat het ons weten!
Laatste column
Release calendar
vrijdag 25 mei 2012
-
Ghost Recon: Future Soldier... -
Mario Tennis is terug op de... -
Dragon's Dogma is een... -
Drie weken na Bevrijdingsdag... -
De game die bij de film hoort!