Donkey Kong Review

Donkey Kong Review

Dertigh jaer geleden kwam Donkey Kong in onsch leven. De intensch kwade aap die tonnen naer onze held gooide om de prinsesch zo uit zijn handen te houden. Eig’leyck was ’t toen nogh niet de prinses, maer een deerne genaemt Pauline. Jij had de schone taak als Jumpman (die we heden alsch Mario kennen) haer uit de klauwen van Donkey Kong te redden. Je zou er bijna Oud Nederlandsch van gaan praten, zo oud is de game al. De in 1981 verschenen game, die in 1986 in Europa pas op de NES te spelen was, is nu verkrijgbaar in de Nintendo E-shop. Aan mij de klus een dertig jaar oude game te reviewen.

Ik start de game op en waan mij weer in Lutjewinkel, mijn geboortedorp. De muren zijn bekleed met een okerkleurig behang en de meubels zijn bijna allemaal bruin. Op de gordijnen staan grote oranje zonnebloemen die spuuglelijk afsteken tegen de rest van het sombere interieur. Er staat een joekel van een televisie op een kastje die hem amper lijkt te kunnen dragen en ik speel Donkey Kong op mijn NES, het enige grijskleurige apparaat in het hele huis. Er staan sigaretten in een glas op tafel klaar voor de visite, mochten zij daar trek in hebben. Op mijn pyjama staat Meneer de Uil uit de fabeltjeskrant met gesloten ogen afgebeeld. Er staat ‘bedtijd’ op mijn borstzakje, maar de 8-bit muziek van Donkey Kong klinkt al uit de mono-speaker van de enorme tv. Oké ik overdrijf een beetje, maar dat de game oud is mag duidelijk zijn.

Hoewel de game misschien niet heel hoogstaand was, was hij wel belachelijk moeilijk. Jumpman werd voorzien van drie levens. Fragiele levens welteverstaan, aangezien je al een leven kwijt bent als je iets te ver naar beneden valt. Het is een game van precisie, geduld, doorzettingsvermogen en vooral frustratie. De toen normale maar nu irritante muziek uit de game, zal je het behang van de muur willen laten trekken. En toch is Donkey Kong een fantastische klassieker die veel heeft betekent voor de gamewereld. Legendes als Billy Mitchell, Steve Wiebe en Brian Kuh hebben torenhoge rivaliteit gehad om deze game. In de documentaire The King of Kong: A Fistful of Quarters uit 2007 word deze strijd perfect in beeld gebracht. Steve Wiebe zegt de hoogste score van Billy Mitchell te hebben verbroken, maar door politieke spelletjes word zijn score niet bevestigd. Wiebe biedt aan om het live uit te vechten door samen Donkey Kong te spelen, maar Mitchell wil hier niets van weten. Het is echt een bizarre tweestrijd, en dat over een videogame.

De scores die beide heren overigens halen zijn ongelooflijk hoog, zelfs over de miljoen punten. Ik ben niet verder gekomen dan een luttele 32000 punten, wat even snel omgerekend 3% van hun score is. Zo kunnen we concluderen dat zij toch echt de pro-gamers zijn en ik maar een schandknaapje. Ondanks dat ben ik toch degene die de game een cijfer moet geven. En ik denk niet dat Billy en Steve mij dit in dank gaan afnemen, maar ik moet zeggen dat deze game niet meer in deze huidige snelle tijd van gaming past. De graphics zijn overduidelijk achterhaald, de muziek is ongelooflijk irritant en er zit meer diepgang in een stripboek van Suske en Wiske. Met alle respect voor wat de game heeft betekend en wat de game heeft gedaan, kan ik er momenteel niet veel moois meer van maken. Ik begrijp trouwens ook niet waarom Nintendo maar van deze games opnieuw uit blijft brengen. Het zal eventjes leuk zijn voor de oude garde, maar daar houdt het wel mee op.

Donkey Kong is achterhaald. Deze gepixeleerde tiran heeft zijn beste tijd gehad. In ieder geval in het 8-bit rijk dat niet meer interessant lijkt te zijn voor de geavanceerde 3DS. Het contrast is te groot en ik denk dat Nintendo niet meer zo gek moet doen en zich moet gaan focussen op nieuwe, snellere, leukere, moderne games. Alsjeblieft. Hou op met het rebooten van NES games. Daar hebben we emulators voor. Zo, ik heb het gezegd.

[review pros=”+ Jumpman aka Mario 1.0
+ Herinneringen van de NES komen weer boven” cons=”- Achterhaald en voegt dus niks meer toe
– Geen 3D functie
– Ik ben klaar met reboot games” score=39]